nmi1 fas
orde

Overtoom 538hs

1054LL Amsterdam

020 618 76 43

en


Overtoom 538hs

1054LL Amsterdam

020 618 76 43

Echtscheiding

De manier waarop een relatie formeel officieel beëindigd en afgewikkeld wordt, is afhankelijk van de gekozen samenlevings- en registratie vorm.

Ontbinding van een huwelijk: echtscheiding

Om een huwelijk te beëindigen moet er een echtscheidingsprocedure gestart worden. De echtscheiding komt tot stand doordat één (of twee) advocaten bij de rechter een verzoekschrift tot echtscheiding indienen en de rechter, nadat beide partijen schriftelijk en mondeling hun mening kenbaar hebben gemaakt, daarop een echtscheidingsbeschikking geeft. Zodra die beschikking van de rechtbank door een van de advocaten is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, is de echtscheiding een feit. Het huwelijk is dan ontbonden. Naast de echtscheiding zelf, kan in het verzoekschrift ook gevraagd worden om andere voorzieningen, zoals een vermogensrechtelijke afwikkeling, eventueel inclusief een regeling voor het pensioen; partneralimentatie en een regeling voor de kinderen. Als er minderjarige kinderen zijn, is zo’n regeling over de verdeling van de kosten van de kinderen en van de zorg- en opvoedingstaken (ook wel ouderschapsplan genoemd) zelfs een vereiste om een echtscheidingsverzoek in te kunnen dienen. Als de duur van de procedure niet afgewacht kan worden, bestaat er de mogelijkheid om door een verzoekschrift tot voorlopige voorzieningen, de rechter zich te laten uitspreken over een voorlopige regeling, bijvoorbeeld voor  de kinderalimentatie, het verblijf van en contact met de kinderen, het gebruik van de echtelijke woning, of een bijdrage in de kosten van levensonderhoud van een van de echtgenoten zelf.  Is er eenmaal een voorlopige voorzieningen beschikking gewezen, dan moet binnen uiterlijk vier weken daarna het echtscheidingsverzoek ingediend worden wil de voorlopige voorzieningen beschikking, zijn rechtskracht kunnen behouden

Scheiding van tafel en bed

Een andere mogelijkheid bij een huwelijk, is het scheiden van tafel en bed. Ook daarvoor is een verzoekschrift van een advocaat aan de rechtbank nodig en vervolgens een uitspraak van die rechtbank. Groot verschil met de echtscheiding is dat het huwelijk zelf in tact blijft. Voor het overige geldt net als bij de echtscheiding dat de vermogensrechtelijke banden doorgeknipt worden en er plaats kan zijn voor alimentatie. 

Beëindiging van een geregistreerd partnerschap

Een geregistreerd partnerschap kan  op twee manieren worden beëindigd. Door een verzoek tot ontbinding van het geregistreerd partnerschap. Dit verzoek moet net als bij de ontbinding van een huwelijk door een advocaat worden ingediend bij de rechtbank, waarna de rechtbank de ontbinding uitspreekt en deze ingeschreven moet worden in de registers van de burgerlijke stand. Ook bij deze procedure is het mogelijk –en in het geval van minderjarige kinderen verplicht- om extra voorzieningen te verzoeken. De andere mogelijkheid om het geregistreerd partnerschap te beëindigen, is door het sluiten van een overeenkomst over de beëindiging van het partnerschap. Die overeenkomst moet dan wel behalve door de partners zelf, nog door minstens één advocaat of notaris ondertekend zijn en om het partnerschap officieel te laten eindigen moet die overeenkomst door de Ambtenaar van de Burgerlijke Stand worden ingeschreven in de daarvoor bestemde registers. Deze laatste optie van beëindiging door een overeenkomst, is niet mogelijk als er minderjarige kinderen zijn waarover de partners gezamenlijk het gezag uitoefenen. In dat geval zal voor de eerste optie (ontbinding door de rechter) gekozen moeten worden.

Beëindiging van een niet huwelijkse samenleving

Een samenleving zonder dat er een huwelijk of geregistreerd partnerschap bestaat, wordt wel een ’niet huwelijkse samenleving’ genoemd. Die samenlevingsvorm valt grofweg onder te verdelen in twee categorieën: met of zonder een (notarieel) samenlevingscontract. Als er geen samenlevingsovereenkomst is dan zijn er geen vormen of vereisten waaraan voldaan moet zijn om de samenleving te kunnen beëindigen. Er is ook geen verplichting om bepaalde zaken te regelen. In veel gevallen is het wel raadzaam om iets met elkaar te regelen en -afhankelijk van hoe ingewikkeld de situatie is- om daarbij een advocaat te betrekken. Zo kan er sprake zijn van gezamenlijk eigendom (veelal van een woning); een gezamenlijke hypotheek; of van bedragen die door de een voor de ander betaald zijn. Allemaal kwesties waarbij er goede afspraken gemaakt moeten worden. Dat is zeker het geval als er gezamenlijke minderjarige kinderen zijn, waarvoor natuurlijk kosten gemaakt worden en die verzorging nodig hebben. Lukt het niet om hier (al dan niet met de hulp van een advocaat) met elkaar afspraken over te maken, dan kan het nodig zijn om over een of meer van deze onderwerpen een procedure bij de rechtbank te beginnen. Als er wel een samenlevingscontract is, dan geldt dat samenlevingscontract als het spoorboekje voor de afwikkeling van de samenleving. In die overeenkomst kan bijvoorbeeld een afspraak gemaakt zijn over hoe de huishoudelijke kosten verdeeld worden, hoe omgegaan wordt met betalingen van de ene partner voor de andere partner, of er partneralimentatie verschuldigd is, maar ook over hoe de samenleving en het daarvoor gesloten contract officieel beëindigd kan worden. Zijn over de verschillende onderwerpen geen concrete afspraken opgenomen in het contract dan gelden dezelfde algemene wettelijke regels zoals die gelden bij een samenleving zonder samenlevingscontract, waarbij de uitspraken van rechters over de jaren heen, belangrijke aanknopingspunten zijn, voor wat geldend is in zo’n situatie.